Tony Beck is een stemacteur. Op verzoek van een ander had hij een lijst van ongeveer 60 woorden en zinswendingen in het Frans ingesproken. Deze persoon had namelijk van TomTom opdracht gekregen om het lijstje met woorden in diverse talen te laten inspreken. Deze derde heeft hiervoor ook een bedrag aan Tom Tom in rekening gebracht. Beck heeft voor het inspreken van de woorden lijst nooit een vergoeding ontvangen, ondanks het feit dat hij van de "stemmenbemiddelaar" een rekening van € 450 mocht sturen.
De stemacteur vindt het kennelijk toch wel wrang dat meer dan 50 miljoen mensen op "zijn aanwijzingen" hun plek van bestemming bereiken zonder dat hij daarwat aan verdiend. Hij spreekt TomTom aan op grond van de Wet op de Naburige Rechten. Deze wet is de "buurjongen van de Auteurswet" en beschermd de prestaties van de uitvoerende kunstenaars. De schrijver en componist van een lied kunnen een beroep doen op het auteursrecht. De zanger van het lied kan een beroep doen op het naburige recht.
Tony Beck gaat er echter aan voorbij dat een naburig recht alleen wordt verkregen op de uitvoering van een werk dat ook voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komt. Een dergelijk werk moet volgens de vaste jurisprudentie een "eigen, oorspronkelijk karakter hebben en het persoonlijk stempel van de maker dragen". Daarvan is volgens de rechter bij de lijst van TomTom geen sprake van. Geen auteursrecht, dus ook geen naburig recht.
Als vangnet beroept Beck zich op het portretrecht. Dat moet volgens hem zeer ruim uitgelegd worden, want ook uit de stem kan immers iemands identiteit worden herkend. Daar is de rechter snel klaar mee. Een portret moet toch wel een afbeelding zijn. Louter het stemgeluid is geen afbeelding van iemand en de menselijke stem wordt dus niet door het portretrecht beschermd.


